slideshow 1

Het IJslandse Paard

Het IJslandse paard

Het IJslandse paard wordt al meer dan 1000 jaar raszuiver gefokt. Onder meer door de geïsoleerde ligging van IJsland is de IJslander het enige paard dat op het eiland voorkomt. Voorzover bekend is er geen sprake geweest van vermenging met andere rassen.

Sinds 1882 geldt in IJsland een officieel importverbod voor paarden en andere huisdieren. Het IJslandse paard is een regelrechte afstammeling is van het Eropese oerpaard: Equus Stenonsis. Deze paarden verspreidden zich in Scandinavië en Groot Brittannié en kwamen uiteindelijk ook op IJsland terecht. De IJslandse boeren hebben hun paarden raszuiver doorgefokt en ook op het continent van Europa en in de Verenigde Staten zijn er mensen die dit oeroude ras zuiver willen houden en verbeteren.

Algemeen

Foto: CJ
Foto: CJ
Foto: Henk Peterse
Foto: Henk Peterse
Foto: CJ
Foto: CJ
Foto Jeroen Tomesen
Foto: Jeroen Tomesen
Foto: CJ
Foto: CJ

"IJslanders zijn anders" hoor je vaak zeggen. Wat is er eigenlijk zo bijzonder aan dit ras? Het kleine formaat en de bijzondere kleuren vallen direct op. Maar voor veel IJslanderruiters maken vooral het temperament en de extra gangen van rijden een feest.

Karakter
Een typische IJslander is zelfstandig, werklustig, sensibel en vriendelijk. IJslanders zijn echte kuddedieren. De jonge paarden groeien in grote groepen op, vaak in begrazingsprojecten. De kuddegenoten geven elkaar een gedegen opvoeding in respect en communicatie. Iets waar de ruiter later weer profijt van kan hebben. De eerste rit op een IJslander is voor veel ruiters een openbaring. Een echte IJslander denkt voorwaarts, dus loopt uit zichzelf. Niet te vergelijken met het gemiddelde manegepaard! Bij veel IJslanders valt ook hun sensibiliteit op. Lichte hulpen zijn vaak voldoende om het paard aan het werk te zetten. En bij de versnelling komt de sensatie: de tölt!

Gangenpaard
Het zal niemand verbazen dat de IJslander, net als ieder paard, kan stappen, draven en galopperen. Maar een gangenpaard kan meer! De IJslander heeft nog twee versnellingen tot zijn beschikking: de tölt en de telgang.

Tölt
In de tölt zijn het paard zijn benen hetzelfde neer als in de stap. Het gaat alleen wat sneller. Of veel sneller: kijk maar eens naar een IJslander die in vliegende rentölt langskomt. In de tölt heeft het paard geen zweefmoment. Dat betekent dat er altijd een voet aan de grond is, het paard maakt dus geen ‘sprongetje’. En daardoor zit een goede tölt zeer comfortabel, ook op hoge snelheid. In een goede tölt loopt de IJslander sterk verzameld met veel oprichting van de voorhand. Het paard heeft een trotse houding, gecompleteerd door het ritmisch meedeinen van de staart.

Telgang
In de telgang beweegt de IJslander de twee benen aan één kant tegelijk. Dus eerst gaan het linker achter- en voorbeen tegelijk naar voren, dan het rechter achter- en voorbeen. Daartussen is een zweefmoment: alle vier de benen zijn even los van de grond. In deze gang kan de IJslander erg hard gaan. Je ziet ook vaak IJslanders in een langzame telgang lopen. Uit de benaming schweinepass blijkt al wel dat deze vorm van ‘telgang’ niet gewaardeerd wordt. Niet alle IJslanders kunnen telgangen. Paarden met alleen tölt noemt men viergangers; als ze ook aanleg hebben voor telgang spreekt men van vijfgangers.

Bij veel IJslanders lopen de gangen min of meer in elkaar over. Het vraagt daardoor wel wat techniek en veel gevoel van de ruiter om de verschillende gangen goed te rijden. Die complexiteit maakt voor veel IJslanderruiters het rijden alleen maar boeiender. Ruiters die een natuurtölter treffen hebben het overigens beduidend makkelijker: dit soort IJslanders tölt altijd en overal, onder alle omstandigheden.

Geschiedenis
Rond het jaar 800 brachten de Vikingen Europese paarden naar IJsland. Ruim honderd jaar later gingen de IJslandse grenzen nagenoeg op slot voor paarden. Sinds die tijd zijn er nauwelijks nieuwe paarden naar IJsland gekomen. Daardoor lijkt de huidige IJslander nog heel sterk op het Europese oerpaard. Door de barre omstandigheden op IJsland – vulkaanuitbarstingen, extreme koude, hongersnoden – overleefden alleen de sterkste paarden. En dat zien we nu nog terug in de hardheid en gezondheid van de IJslander. Door de bijzondere omstandigheden op IJsland ontwikkelde de paardjes een opmerkelijk oriëntatievermogen, een grote zelfstandigheid en intelligentie, en veel koelbloedigheid. Paniekerige paarden, die er blind vandoor gaan, overleven immers niet in een landschap met ravijnen. Koelbloedig wordt wel geassocieerd met sloom of flegmatiek, maar dat geldt zeker niet voor de IJslanders. Ze zijn vaak juist voorwaarts en sensibel. In combinatie met de vaak wat complexe gangen, zijn IJslanders daarom geen uitsproken kinderpony’s.

Fokdoel

Schijngevecht
Schijngevecht (Foto's CJ)
Fokdoel
Fokdoel
Fokdoel
Fokdoel
Fokdoel
Fokdoel
Tölt
Tölt
Telgang
Telgang
Draf
Draf
Galop
Galop

Beschrijving van het IJslandse paardenras

Oorsprong
Het IJslandse paard vindt zijn oorsprong in IJsland waar het zonder bekende invloeden van vreemd genetisch materiaal is gefokt sinds het eiland rond 900 werd gekoloniseerd. Het lijkt het nauwst verwant aan de inheemse paardenrassen van Scandinavië en paardenrassen op de Britse Eilanden. Het IJslandse paard is zuiver gefokt als alle voorouders terug te voeren zijn op IJsland.

Formaat
De hoogte van het IJslandse paard varieert van 125 tot 145 cm, gemeten met een stok op het hoogste punt van de schoft. Het gemiddelde voor merries bedraagt 136 cm en voor hengsten 138 cm. Het volledig volgroeide IJslandse paard weegt tussen 300 en 400 kg.

Kleuren
De meeste bij paarden bekende kleuren en aftekeningen komen voor. De meest dominante kleuren zijn vos, zwart en bruin, maar schimmel en bont worden ook veel gezien. Er bestaan meer dan 100 kleurvariëteiten in het IJslandse paardenras.

Exterieur
Het exterieur kan erg verschillend zijn, maar een typisch IJslands paard is rechthoekig en compact van vorm. Kenmerkend voor het ras is een afhangend kruis, lange, volle manen en staart en een dikke, beschermende wintervacht.

Functie
Het IJslandse paard is een rijpaard. Het paard is uniek wat zijn gangen betreft en vrijwel alle IJslandse paarden bieden naast stap, draf en galop de tölt aan. Veel paarden bezitten als extra gang de zeer snelle (ren)telgang. Als rijpaard is het uitzonderlijk veelzijdig – een goed, braaf recreatiepaard en sportpaard voor volwassen en kinderen. Het paard is sterk, onafhankelijk, maar sociaal en gemakkelijk in de omgang, zelfverzekerd en heeft een groot uithoudingsvermogen.

Levensduur
Het paard wordt laat rijp en is over het algemeen pas op zes- of zevenjarige leeftijd volgroeid. Het is tot op hoge leeftijd inzetbaar (25–30 jaar is niet ongebruikelijk).

Gezondheid
De gemiddelde gezondheid van het IJslandse paard is uitstekend. De vruchtbaarheid is groot en beide geslachten kunnen zich tot op een leeftijd van 25 tot 27 jaar voortplanten.
 
Het ideale paard

Algemene fokdoelen

Gezondheid, vruchtbaarheid, levensduur
Het officiële fokdoel is een gezond, vruchtbaar en duurzaam paard te fokken – een robuust IJslands paard.

Kleuren
Het officiële fokdoel is alle mogelijke variëteiten van vachtkleuren binnen het ras in stand te houden.

Formaat
Het officiële fokdoel geeft ruimte aan een grote variatie in stokmaat. Bij voorkeur ligt de hoogte tussen 135 en 145 cm, gemeten met een stok.

Specifieke fokdoelen

Exterieur algemeen
Het algemene doel is lichtgebouwde IJslandse paarden te fokken met de nadruk op kracht, souplesse en een gespierd lichaam. De bouw moet het paard in staat stellen tot uitzonderlijk goede gangen, een goede hoofdhouding en ook voldoen aan andere aspecten die doorgaans als esthetisch worden beschouwd.

Exterieur in detail

Hoofd   
Een zeer mooi, fijn hoofd. Fijne, droge oren, goed geplaatst en niet te wijd uit elkaar. Een groot, open en alert oog met een goede botstructuur eromheen. Fijne huid en haren. Lichte kaken met een flinke ruimte ertussen. Het profiel van de neus recht en de neusgaten wijd. Een trots hoofd.

Hals, schoft en schouders            
Een lange, hoog aangezette, zeer slanke, goed in het nekgewricht buigende hals, met een goed gemarkeerde halsaanzet, een hoge, duidelijke en goedgevormde schoft en lange, schuine schouders.

Rug en achterhand          
Een uitstekende rug/bovenlijn. De rug is soepel en buigzaam, van gemiddelde lengte, breed en goed bespierd. Langs de ruggengraat is de rug helemaal tot aan de achterhand soepel. De achterhand is goed gevormd, lang, voldoende afhangend, gelijk bespierd aan beide zijden en slechts weinig toelopend naar de staart. De dijbenen zijn lang en goed bespierd. De staart is zeer goed aangezet.

Verhoudingen
Het paard moet indruk maken. De benen moeten lang zijn en het lichaam licht en cilindrisch van vorm met een voor-, midden- en achterhand die ongeveer gelijk zijn. Het hoogste punt van de schoft moet hoger zijn dan het hoogste punt van het kruis.

Benen (kwaliteit)
Stevige, zeer sterke pezen en een duidelijke scheiding tussen de pezen en het bot, stevige gewrichten en flexibele, sterke koten. Zeer goed als ze van opzij worden bekeken.

Benen (gebruik van de gewrichten)
Uiterst correct: de voorbenen geheel recht met voldoende ruimte ertussen en tot de achterbenen. De achterbenen mogen iets naar buiten staan.

Hoeven
Zeer diepe hoeven met holle zolen, goed gevormd, rond en met mooie, sterke wanden en zolen, eenkleurig en bij voorkeur donker. Grote straal en sterke verzenen.

Manen en staart
Uiterst lange en dikke manen en staart met een grote voorpluk.

Rijkwaliteiten algemeen
Het algemene doel is een veelzijdig, tredzeker en betrouwbaar paard te fokken, met goede, gescheiden gangen en een uitstekend temperament. Een paard dat mooi is als het wordt gereden – een echte IJslandse "gæðingur".

Rijkwaliteiten/gangen in detail

Tölt
Een gelijkmatig viertaktritme met lange passen van voor- en achterbenen, veel oprichting en actie van de voorbenen, uiterst buigzame en soepele bewegingen, uitstekende snelheid.

Langzaam tempo tölt
Gelijkmatige viertakttölt met lange passen van voor- en achterbenen, elegante actie en bewegingen van de voorbenen, uiterst buigzame en soepele bewegingen.

Stap
Het paard is indrukwekkend en stapt enthousiast voorwaarts met een gelijkmatige takt en een soepel lichaam. Het hoofd wordt op gemiddelde hoogte gedragen en het paard beweegt met lange, energieke passen, waarbij het goed recht gaat.

Draf
Zekere tweetaktdraf, hoge en soepele bewegingen, lange passen en een zweefmoment. Uitstekende snelheid.

Telgang
Zekere, indrukwekkende telgang, goede laterale gang in tweetakt met een goed zweefmoment en een uitstekende snelheid.
 
Galop
Goede takt. Een mooie galop: het paard is goed verzameld, en strekt zich in mooi ronde, krachtige bewegingen met een goede sprong. Uitstekende snelheid.

Handgalop
Moeiteloze, maar indrukwekkende, soepele drietaktgalop met een goede sprong. Het paard is goed verzameld.

Temperament/karakter
Het paard moet altijd gewillig, moedig, blij, vrolijk en zelfverzekerd zijn en het beste van zichzelf geven zonder veel inspanning van de ruiter.
Het paard probeert de ruiter een plezier te doen, is sensibel, gemakkelijk te rijden en gemakkelijk in de omgang.

Algehele indruk (beeld onder de ruiter)
Het paard is indrukwekkend en elegant om te zien, met energieke, mooie bewegingen en heeft veel uitstraling: het paard draagt zichzelf goed, is gebogen in de nek, aan het bit en verzameld. De beenbewegingen zijn licht, hoog en soepel, met goede coördinatie en energie. De voorbenen worden hoog opgetild en het paard gaat voorwaarts in een fraaie stijl, met hoog opgeheven staart.

Eigenschappen

Foto: Henk Peterse
Foto: Henk Peterse

Het zal niemand verbazen dat een IJslander net als ieder ander paard in de drie basisgangen stap, draf en galop kan gaan. Interessanter wordt het als je ontdekt dat een IJslander zich in vier en soms vijf verschillende gangen kan voortbewegen. Deze extra gangen heten tölt en telgang. Het zijn natuurlijke gangen die veulens van enkele uren oud al tonen. De IJslander is niet het enige ras dat over deze extra gangen beschikt. Vele paarden van allerlei min of meer bekende rassen bewegen zich voort in tölt en telgang.

Tölt
De voetvolgorde van tölt is gelijk aan die van stap. Het verschil zit echter in het optillen en neerzetten van de hoeven. Gevolg hiervan is, dat het paard in stap afwisselend op twee of op drie benen staat en in tölt op twee benen of op één been tegelijk steunt. Een IJslander kan in tölt verschillende tempi lopen; dit varieert van een langzame draf tot een flinke galop. Doordat er in tölt geen zweefmoment bestaat, zoals in draf, ervaart de ruiter ook nooit (onaangename) opwaartse bewegingen en kan men ontspannen in het zadel blijven zitten. In tölt draagt het paard zijn hoofd en hals hoog. Er ontstaat een trotse beweging, versterkt door het ritmisch meedansen van de staart. Het gewicht wordt voornamelijk door de achterhand gedragen, zodat de voorbenen en schouders vrij kunnen bewegen. Bij zeer goede tölters gaat dit gepaard met een hoge knieactie. Behalve spectaculair is de tölt op de eerste plaats een comfortabele gang, zowel voor het paard als voor de ruiter.

Telgang
Telgang zien we niet alleen bij IJslanders, maar ook bij andere dieren. Zo loopt een hond aan de lijn vaak in telgang, kamelen en dromedarissen gaan uitsluitend in telgang en hetzelfde geldt voor giraffen. In tegenstelling tot de draf wordt niet het diagonale maar het laterale benenpaar gelijktijdig opgetild. Hierdoor ontstaat voor de ruiter een heen en weer schommelende beweging.

Gebruik

De IJslander is eeuwenlang gebruikt als rijpaard en als pakpaard, onder andere voor het vervoer van de post, voor het bijeendrijven van schapen en als vervoermiddel voor de mens, maar ook - recenter - als sportpaard bij gangenwedstrijden en races. Op het Europese vasteland zijn veel van de IJslandse mogelijkheden overgenomen en elementen zijn toegevoegd. In Europa worden gangenwedstrijden gereden. Ook wordt er gereden met handpaarden en worden afstandsritten gemaakt. De IJslander worden ook ingespannen voor de wagen en voor de slee. Hoewel er beslist vele rassen zijn die er meer talent voor hebben, kun je met een IJslander best eens een sprongetje wagen en het rijden van dressuur blijft de basis voor het rijden van de gangen en het beheersen van het paard in het algemeen. De IJslander is een zeer leergierige pony. Ze zijn heel vriendelijk, maar ook heel eigenwijs. De hulpen kunnen het best met de stem gegeven worden, omdat deze pony’s hier beter op reageren dan op de gebruikelijke hulpen. De IJslander is in staat om vanaf lange afstand de weg naar huis terug te vinden.

Aankoop

Foto: Henk Peterse
Foto: Henk Peterse
Foto: Henk Peterse
Foto: Henk Peterse

Denk je erover om een eigen IJslander te kopen? Dan is het wel goed om je in een aantal zaken te verdiepen. Met de aanschaf van een eigen paard wordt je immers verantwoordelijk voor het welzijn en de gezondheid van dat paard. 

In deze rubriek staan enkele zaken op een rijtje. Deze lijst is zeker niet bedoeld om je te ontmoedigen, maar juist om je te stimuleren een bewuste keuze te maken en om je te helpen de benodigde informatie bij elkaar te krijgen. Veel van de antwoorden op onderstaande vragen komen hier aan bod. Bovendien kun je natuurlijk altijd hulp krijgen van ervaren paardenmensen in je omgeving. De lijst helpt je uit te vinden wat je wel en niet weet over paardenhouderij. De vragen zijn lang niet uitputtend, maar geven je een beetje zicht op wat er komt kijken bij de zorg voor een eigen paard.

Verzorging
Bedenk je dat een pensionstalling meestal geen verzorgingshuis is voor je paard. Jij bent verantwoordelijk voor je paard, ook als hij door iemand anders gevoerd wordt en de mest opgeruimd wordt. Jij moet je paard genoeg aandacht geven, signaleren als hij niet lekker in zijn vel zit. Je moet bereid zijn je te verdiepen in de aard van je paard.
Als je je paard niet op een pensionstalling zet, moet je ook voldoende weten over voeding, huisvesting en zaken als ontwormen en inenten.

Gezondheid
IJslanders zijn sterke, gezonde paarden en dus gelukkig niet vaak ziek. Ze zijn echter ook heel hard voor zichzelf, waardoor ze het niet of nauwelijks laten merken als ze ziek zijn. Sommige IJslanders houden hun normale eetlust terwijl ze 40 graden koorts hebben! Dit legt een grote verantwoordelijkheid bij de eigenaar: die moet aan subtiele signalen merken dat zijn paard niet lekker is. Anderzijds zijn IJslanders ook heel slim; ze kunnen overbezorgdheid van de eigenaar zeker uitbuiten.

Welzijn
Paarden zijn sociale dieren die graag een goed contact hebben met soortgenoten en met mensen. Ook hier geldt weer dat je als eigenaar de verantwoordelijkheid hebt. Jij moet het signaleren als je paard niet lekker in zijn vel zit. En, net als bij zijn gezondheid, is het belangrijk hier reëel in te zijn. Geef je paard de kans op paard te zijn. Hoewel sommige paarden best graag doodgeknuffeld worden, geeft overbezorgdheid of te lief zijn vaak veel problemen met het rijden of in de algemene omgang met je paard.

Rijden
De meeste mensen kopen een paard om er mee te gaan rijden. Bij IJslanders neemt het rijden helemaal een bijzondere plaats in dankzij de extra gangen. Die maken het rijden boeiend, maar ook complex. De manier waarop je een IJslander rijdt is erg afhankelijk van zijn gangenverdeling. En hoewel de aanleg voor een bepaalde gang niet verdwijnt, is het wel mogelijk dat je paard na verloop van tijd bijvoorbeeld geen tölt meer aanbiedt.

Financiën
Een paard aanschaffen is een grote uitgave, zeker bij IJslanders. Maar eigenlijk begint het dan pas. Je krijgt te maken met maandelijkse lasten van stalling en eten en eventueel lessen. Een goed passend zadel is een absolute voorwaarde. Afhankelijk van waar je rijdt is hoefbeslag nodig. Je krijgt misschien te maken met zomereczeem, wat ook extra kosten met zich meebrengt. En je paard kan natuurlijk ziek worden, wat vaak direct behoorlijke dierenartsrekening met zich meebrengt. En als je niet zo veel rijervaring hebt, is regelmatig les echt aan te bevelen om de gangen goed te leren rijden.
  
Tot slot
Heb je overwogen een IJslands paard te kopen? Dat zal een keus zijn waar je veel plezier van kan hebben. In bijgevoegde gids staan voldoende adressen om verder informatie te krijgen. Ook kunt je bij een van de bedrijven kennismaken met het IJslandse paard, met zijn karakter en natuurlijk met de extra gangen.
 
Door: Ingrid Claassen