slideshow 1

Gezondheid

Gezondheid

Foto: Henk Peterse
Foto: Henk Peterse

IJslanders kunnen uiteraard dezelfde ziektes krijgen als andere paardenrassen. Toch zijn er ook verschillen.

De eeuwenlange natuurlijke selectie op IJsland - vooral de paarden met een ijzeren gezondheid konden daar overleven - heeft van de IJslander een sterk ras gemaakt, dat relatief weinig gezondheidsproblemen kent. We zien bij IJslanders bijvoorbeeld weinig beenproblemen.

De hardheid van de IJslander is echter ook verradelijk: hij zal het niet snel laten merken als er iets aan de hand is. We hebben paarden met 39,5 graden koorts gezien die normaal aten en gewoon alert waren. IJslanders met rugpijn of beenproblemen zullen letterlijk en figuurlijk de tanden op elkaar zetten en zo lang mogelijk doorlopen.

Als IJslanderbezitter of ruiter moet je daarom extra alert zijn op gezondheidsproblemen bij je paard.

Staart- en maneneczeem

Bron: 
fokkerijcommissie

Staart- en maneneczeem, onderzoek en ontwikkelingen

Staart- en maneneczeem is een 'probleem' binnen ons ras. Reden om te kijken in hoeverre dit onderwerp leeft onder de leden en wat zij vinden dat de rol van het stamboek kan zijn (in de toekomst) om dit welzijns- en gezondsheidsprobleem binnen ons ras te beperken.

Met dit doel heeft de fokkerijcommissie op 11 november 2011 een avond verzorgd met "staart- en maneneczeem" als thema. Er werden lezingen gegeven door dr. R. v.d. Boom, dierenarts (Universiteit Utrecht) en door mw. Ir. A. Schurink (Universiteit Wageningen). Na deze lezingen was er ruimte voor meningsuitwisseling en discussie met de leden.

De presentaties vindt u in onderstaande bijlagen (het is niet toegestaan deze te gebruiken of over te nemen zonder toestemming)

 

Koliek

Wat is koliek?
Wanneer een paard buikpijn heeft spreken men van koliek. Soms leidt koliek tot de dood van het paard, maar gelukkig kan koliek meestal goed behandeld worden. Vaak is de oorzaak van koliek een onschuldige kramp, soms echter komen de koliekverschijnselen door een verdraaiing of verstopping van de darm. Hierdoor ontstaat er een gestoorde bloedcirculatie in die darm die vervolgens door zuurstoftekort niet meer goed kan functioneren. Darminhoud lekt dan al binnen enkele uren naar de buikholte: dit betekent een zeer slechte prognose. Bij een ernstige koliek raakt de maag overvuld (maagoverlading) met als gevolg dat deze kan barsten (een paard kan niet overgeven!). Dit is soms te zien door iets groene uitvloeiing uit de neus. Bij verdenking wordt het dier gesondeerd met een maagsonde.
Ook is er kans op shock wat alleen met vocht-infusen is te verhelpen.
Bij elke koliek, en ook bij een krampkoliek, is een snelle pijnstilling heel belangrijk, want een paard gaat dan niet meer rollen en heeft dus minder kans op verdraaiingen van de darmen.

Oorzaken van koliek
Er zijn zeer veel oorzaken van koliek. Enkele zijn:

  • Wormen (een juiste en regelmatige ontworming kan heel veel gevallen van koliek voorkómen!);
  • verstoppingen (obstipatie);
  • zandophopingen
  • meteorismus (gasvorming in de darmen);
  • vergroeiingen in de buik;
  • invaginaties (darmen die in elkaar zijn geschoven);
  • liggingsveranderingen;
  • darmontstekingen;
  • verlammingen van de darm;
  • darmscheuren;
  • afklemming in hernia’s (bijvoorbeeld navelbreuk);
  • buikvliesontsteking
  • tumoren en aangeboren afwijkingen.

Merries kunnen wel eens koliekverschijnselen hebben in de tweede helft van de dracht bij een draaiing van de baarmoeder. Hengsten met een zakbreuk (darmen zakken via het lieskanaal in de balzak) hebben soms ook koliek. Aan de buitenkant van een paard is meestal niet te zien welke vorm van koliek er speelt. Na onderzoek van de dierenarts is hier meestal meer over te zeggen.

Hoe herken je het?
Het paard is uit zijn doen, wil niet mee uit de wei, is lusteloos, kijkt naar buik, trapt naar buik, wil rollen, gaat liggen en opstaan, zweet eventueel wat, maakt suffe indruk. Soms laat het paard zich vallen, zweet sterk, heeft opengesperde neusgaten.

Wat moet je doen?

  • Paard in de gaten houden
  • Niet rijden
  • Eventueel op stal of paddock zetten
  • Geen verbetering na 20 min: dierenarts bellen (als de verschijnselen verergeren: direct bellen!)
  • Meld welke verschijnselen het paard heeft, hoe lang en hoe heftig en of het paard nog gemest heeft
  • Breng paard zo nodig naar paddock of stal
  • Haal eten en drinken weg
  • Rondstappen als het paard dat wil (niet dwingen)
  • Bij het paard blijven tot de dierenarts komt
  • Het paard warm houden met een deken
  • Rust creëren (toeschouwers wegsturen), zo mogelijk licht dimmen
  • Let op of het paard mest (of nog gemest heeft); is de mest normaal of dun? (De dierenarts zal dit willen weten)

NB deze lijst is niet compleet. Heftige verschijnselen duiden niet altijd op ernstige koliek en andersom kan een paard rustig blijven bij heel ernstige koliek.

Zomereczeem

Zomereczeem
Zomereczeem

Het is een vervelende kwaal: zomereczeem. Paarden met eczeem kunnen veel jeuk hebben en vragen dan extra verzorging. Eczeempaarden hebben daardoor een slechte naam gekregen. Maar eczeem is niet het einde van de wereld. Veel paarden met aanleg voor eczeem leiden een goed leven, en de extra kosten en extra tijd kunnen best meevallen.

Paarden met zomereczeem reageren allergisch op steken van een mugje (culicoïde). Dit mugje is vanaf het vroege voorjaar tot ongeveer oktober-november actief, afhankelijk van de weersomstandigheden. Je ziet de mugjes vooral met vochtig, wat drukkend weer, vooral tijdens zonsopgang en zonsondergang en vooral in bosrijke gebieden. Eczeemgevoelige paarden die gestoken worden krijgen jeuk, eerst vooral in de manen, staart en op de buiknaad. Paarden met ernstig eczeem kunnen ook op andere plaatsen van het lichaam jeuk krijgen.

Is er wat tegen eczeem te doen?
Eczeem zelf is niet te genezen. Je kunt wel voorkomen dat je paard gestoken wordt door hem te beschermen met een eczeemdeken, door je paard tijdens eczeemgevoelige tijden (rond zonsopgang en zonsondergang) op te stallen of door te kiezen voor een weinig bosrijk gebied. Deze maatregelen zijn natuurlijk niet altijd mogelijk. Dan kun je de gevolgen van eczeem zo goed mogelijk bestrijden met bijvoorbeeld antivliegenmiddelen, verzachtende crêmes, voedingssupplementen zoals knoflook of bepaalde oliën, enzovoort. Er zijn vele middelen op de markt. Er is niet één wondermiddel voor alle eczeempaarden, maar praktisch ieder paard reageert wel goed op een middel of een combinatie van middelen. Dat is een kwestie van uitproberen, in sommige gevallen met een lange adem.

Heeft ieder paard dat schuurt eczeem?
Nee, er is pas sprake van eczeem als je paard allergisch reageert op de steken van de culicoïde. Er ontstaat dan een ontstekingsreactie; de manenkam zwelt op (door vochtophoping), en je kunt vaak ribbels in de manenkam voelen. Paarden zonder eczeem kunnen bijvoorbeeld ook jeuk krijgen van insectensteken. De reactie is dan minder heftig.

Welke garanties heb ik als een paard als eczeemvrij wordt aangeboden?
Dat hangt er vanaf. De belangrijkste vraag die je dan moet stellen is: waar heeft het paard gestaan? Heeft het paard enkele jaren in een eczeemgebied gestaan, zonder extra maatregelen en heeft het niet geschuurd? Dan kun je aannemen dat het paard in ieder geval weinig gevoelig is voor eczeem. Veel paarden hebben aanleg voor eczeem. Die aanleg leidt pas tot de verschijnselen van eczeem als het paard langere tijd is blootgesteld aan de culicoïde-beten. Bovendien spelen waarschijnlijk nog andere factoren mee, zoals stress. Dus een paard dat onder gunstige omstandigheden gehouden is - in een eczeemvrij gebied, zonder te veel stress, goed gevoerd - zal niet geschuurd hebben en wordt dan als eczeemvrij aangeboden. Maar het is heel goed mogelijk dat dat paard in een eczeemgevoelig gebied binnen enkele jaren alsnog eczeem ontwikkelt.

Eens eczeem altijd eczeem?
Ja, de aanleg voor eczeem gaat helaas niet meer over. Maar dat wil niet zeggen dat een eczeempaard altijd een probleempaard is. Zeker paarden met licht eczeem, die nog niet zo lang bloot hebben gestaan aan de culicoïde-steken, kunnen een jeuk-vrij leven leiden als ze gehouden worden in een eczeemvrij gebied.

Wat is een eczeem-arm gebied?
De culicoïde-mugjes zijn vooral in bosrijke gebieden te vinden. In open gebieden waar het goed doorwaait hebben eczeempaarden meestal geen of weinig last van hun allergie. Paarden die om andere redenen jeuk hebben kunnen in een eczeem-arm gebied natuurlijk wel flink schuren, maar dat heeft dan niets met eczeem te maken. Bij schurende paarden wordt tegenwoordig nogal snel aan eczeem gedacht, soms ten onrechte.

Wat kost een eczeempaard aan extra tijd en geld?
Dat hangt vooral af van de ernst van het eczeem en het gebied waarin het paard staat. Bij een paard met licht eczeem is een eczeemdeken meestal afdoende. Die dekens kosten 100 tot 170 euro. De duurdere dekens gaan over het algemeen wat langer mee (vaak twee seizoenen) dan de goedkopere dekens. Als je paard veel speelt met andere paarden of als er meer eczemers in de wei staan, zal de deken nogal eens kapot zijn. Een beetje handigheid met een naaimachine is dan ook geen overbodige luxe. Je kunt ook kiezen uit allerlei eczeemmiddelen. Er zijn complete lijnen, zoals Ökozon en Cojosol, maar bij lichtere eczemers geven gewone vliegenmiddelen en verzachtende crêmes soms al voldoende resultaat. De kosten van het smeren kunnen erg oplopen. Je kunt het ook goedkoper oplossen door zelf eczeemmiddelen te mengen. Lichte eczemers hoef je meestal alleen op eczeemdagen in te smeren (vochtig, warm en wat drukkend weer). Eczeemgevoelige paarden in een zwaar eczeemgebied kun je beter iedere dag insmeren. En paarden waarbij het eczeem zich al ver ontwikkeld heeft, kun je het beste twee keer per dag insmeren. Het insmeren zelf kost niet zo veel tijd, dus als je toch iedere dag bij je paard bent, is een eczemer weinig extra werk.

Droes

Droes
Droes

Droes wordt veroorzaakt door een bacterie. Er zijn twee hoofdvormen: kwade droes (een dodelijke vorm die al lang niet meer voorkomt in Nederland) en de droes zoals wij die kennen. Deze vorm kan door twee bacteriën ontstaan: Streptococcus Equi en Streptococcus Equi Similaris. Het sterftepercentage bij deze vorm ligt tussen de 1 en 5 procent.

Verschijnselen
De incubatietijd van droes ligt tussen de 3 en 14 dagen. Nadat je paard met de droesbacterie in aanraking is gekomen, kan het dus nog twee weken duren totdat de eerste symptomen zichtbaar worden. Die symptomen zijn: hoge koorts (soms tot boven de 40 graden) en zwelling van de lymfeklieren. De lymfeklieren raken ontstoken en er vormen zich abcessen met pus waarin de droesbacterie zit. Als die abcessen rijp zijn, breken ze door en stroomt er zeer besmettelijke pus met droesbacterie uit. Zo\'n doorbraak kan naar buiten zijn (er ontstaat dan een gat in de huid), of binnendoor (dan komt de pus als snot door de neus of mond naar buiten).

Complicaties
De abcessen zitten in principe in en rond het hoofd. Bij sommige paarden raken echter ook lymfeklieren verder in het lichaam ontstoken, bijvoorbeeld bij de darmen, longen of in de hersenen. Dan spreekt men van verslagen droes, een gevreesde complicatie. Verslagen droes is vaak dodelijk. Een andere complicatie is dat er pus in de luchtzakken achter kan blijven. De luchtzakken zijn kleine holtes bij de luchtwegen. De pus kan daar jarenlang blijven zitten, en als het paard wat snotterig is komt de droesbacterie weer naar buiten. Deze paarden worden dragers genoemd. Onderzoek uit de laatste jaren wijst erop dat de dragers grote boosdoeners zijn in nieuwe droesuitbraken. Het paard zelf hoeft geen last te hebben van de volgelopen luchtzakken (afhankelijk van hoeveel erin zit), maar zo\'n paard is dus wel een voortdurend risico voor andere paarden.

Behandeling
Bij droespaarden worden de abcessen vaak ingesmeerd met laurierzalf om ze snel te laten rijpen en ze te stimuleren naar buiten toe open te breken. Opengebroken abcessen worden gespoeld met een jodiumoplossing. Verder moet de (opgedroogde) pus regelmatig verwijderd worden, dat kan met een biotex-oplossing. Veel paarden vinden het prettig als de huid daarna ingesmeerd wordt met vaseline, zodat de huid soepel blijft. Ook snotneuzen moet je regelmatig schoonmaken, bijvoorbeeld met een spons met warm water, eventueel wat biotex erdoor. De huid van en rond de neus kan ook ingevet worden met vaseline om te voorkomen dat hij geïrriteerd raakt. Sommige mensen kiezen ervoor om antibiotica te geven aan paarden die al wel hoge koorts hebben maar nog geen abcessen. Als dat op het juiste moment gebeurt kan verdere ziekte voorkomen worden. Er is echter wel een risico aan verbonden: als er toch al abcessen zijn verhoog je het risico op verslagen droes. Die abcessen zijn niet altijd goed te voelen vanaf de buitenkant. Een paard met verslagen droes krijgt antibiotica, maar helaas helpt dat meestal niet om het paard te redden.

Besmetting
De bacterie kan alleen overgedragen worden via snot of pus. De bacterie verspreidt zich dus niet via de lucht, zoals een virus dat wel kan. Met de juiste hygiënische maatregelen is de verspreiding van droes daardoor goed te voorkomen. Je moet hier wel erg zorgvuldig in zijn: als er wat snot van een droespaard in een emmer zit, kan de bacterie daarin zes tot acht weken overleven. Voer je vervolgens een ander paard uit diezelfde emmer, dan is de kans aanzienlijk dat hij besmet raakt. Op dezelfde manier kan de bacterie overleven op je jas of in borstels. Het is daarom heel belangrijk om altijd eigen emmers, borstels, halsters enzovoort te gebruiken. Kleding wordt met een normale wasbeurt ontsmet. Voor je laarzen, borstels etc gebruik je dethol; stallen, trailers etc. worden meestal ontsmet met halamid.

Herstel
Droes wordt vaak een kinderziekte genoemd, maar verkijk je niet op de gevolgen van droes voor je paard. Sommige paarden hebben wekenlang hoge koorts, wat een enorme aanslag is op hun conditie. Ze gebruiken eiwitten uit hun spieren om beter te worden, waardoor je vaak al heel snel de bespiering ziet verminderen. Het is belangrijk dat je paard tijdens en na zijn ziekte goed te eten krijgt. Als er abcessen rond de keel zijn, hebben paarden vaak keelpijn en gaat eten moeizaam. Zoek dan naar voer dat hij extra lekker vindt. Het kan ook helpen om de emmers en het ruwvoer wat hoger te zetten, zodat je paard niet zo diep hoeft te bukken. Nadat de koorts is verdwenen heeft je paard nog enkele weken nodig om te herstellen, ook als hij er al weer heel fit uitziet. Belast hem daarom in het begin niet te zwaar, maar bouw de training verantwoord weer op. Het is ook belangrijk om paarden die droes hebben gehad goed in de gaten te houden. Soms blijkt enkele maanden na herstel dat er toch verslagen droes is ontstaan. Het is verstandig je paard af en toe te blijven temperaturen (boven de 38,6 is er sprake van koorts). En als je paard wat wit of geel snot blijft afscheiden, kunnen de luchtzakken volgelopen zijn en blijft je paard besmettelijk. Men vermoedt dat ongeveer 10% van de paarden die droes hebben gehad, nog enige tijd drager blijven. Soms ademen deze paarden wat zwaarder, maar dat hoeft niet. Vraag bij twijfel aan je dierenarts of een onderzoek in een kliniek zinvol is.